Mikado - Kenniscentrum interculturele zorg  
 
   home       over mikado       activiteiten       publicaties       nieuws       agenda       abonnement       inloggen      English  
 
 

Nieuws
   reageer      printversie  

Buitenlandse crises hebben grote impact op migranten in Nederland
Buitenlandse crises hebben grote impact op migranten in Nederland. Dat blijkt uit het rapport 'Overheid en migrantengroepen bij crisis in herkomstlanden' van het Trimbos-instituut en het Nederlands Centrum Buitenlanders dat deze week verscheen.

Het rapport, geschreven door Mariette Hoogsteder en Rinske Boomstra in opdracht van De Directie CoŲrdinatie Integratiebeleid Minderheden (DCIM) van het Ministerie van Justitie, houdt onder meer de (gewenste) rol van de Nederlandse overheid en de hulpverlening voor migranten tegen het licht. De publicatie gaat daarbij in op de aardbeving in Turkije in 1999, de onlusten op de Molukken tussen 1999 en 2002, de oorlog in BosniŽ-Herzegovina in het midden van de jaren negentig en de oorlog in Afghanistan en de val van de Taliban in 2001 en 2002. Gekeken is naar de psychosociale gevolgen van deze crises voor de 330 duizend Turken, de 42 duizend Molukkers, de 72 duizend voormalig Joegoslaven en de 30 duizend Afghanen in Nederland.

Grote betrokkenheid en emoties
Uit het onderzoek blijkt dat Nederlandse migranten zeer betrokken zijn bij crises in herkomstlanden. De emoties die worden opgeroepen (angst, onzekerheid en ongerustheid over het lot van familie en vrienden, een schuldgevoel over het niet direct kunnen helpen van getroffenen) vormen een belangrijk motief voor 'transnationale' activiteiten als geld en goederen inzamelen en/of projecten opzetten in het land van herkomst. De crises hebben daardoor een positieve invloed op het welbevinden en de positie van de migrantengemeenschap in Nederland. Meer dan voorheen is men in staat om vanuit een gemeenschappelijk doel hulp te bieden en over tegenstellingen of oude conflicten heen te stappen. Dat geldt vooral voor de Turkse migranten die door de aardbeving in Turkije in 1999 familie of vrienden zijn verloren; bij de aardbeving in het Marmara-gebied kwamen destijds meer dan 17 duizend mensen om het leven.

Psychische gevolgen
Voor de Afghanen, BosniŽrs en Molukken ligt de situatie anders. Zij werden na de crises geconfronteerd met traumatische herinneringen aan oorlog en geweld die hen in hun functioneren belemmerden. De hulp aan deze groep migranten blijkt nauwelijks aan te sluiten bij hun hulpbehoeften. Zij hebben behoefte aan een vorm van politieke hulpverlening gebaseerd op solidariteit, spijtbetuigingen, en arrestatie van oorlogsmisdadigers, maar hulpverleners zijn geneigd om de maatschappelijke ellende via een psychiatrische diagnose te vertalen in individuele ellende.

Geen hulp zoeken
Ondanks de (langdurige) ernstige psychische gevolgen van collectieve crises is slechts een minderheid geneigd hulp te zoeken bij reguliere instellingen in de GGZ. Veel migranten schamen zich voor hun psychische problemen, zeker na een crisis in het herkomstland waar mensen er meestal veel slechter aan toe zijn dan hier. De migranten in Nederland vinden dat zij hun problemen zelf of met hun sociale netwerk moeten oplossen. Men bespreekt problemen daardoor zelden met derden en zoekt geen hulp bij hulpverlenende instellingen. Ook de relatieve onbekendheid van het hulpaanbod speelt hierin een rol. De psychische- en traumahulpverlening in Nederland blijkt daarnaast onvoldoende intercultureel georiŽnteerd.

Aardbeving in Marokko
Zo vraagt de recente aardbeving in Marokko om adequate traumahulpverlening die specifiek is afgestemd op Marokkaanse migranten. Deze hulp dient gebaseerd te zijn op recente wetenschappelijke inzichten in culturele verschillen en -overeenkomsten en de oorzaken van traumatische stress. Voorkomen moet worden dat - zoals dat het geval was voor de Turkse gemeenschap na de aardbeving in Marmara - een meerderheid van de getroffenen van de Marokkaanse gemeenschap over een jaar nog geconfronteerd wordt met ernstige psychische gezondheidsklachten en daardoor mogelijk in hun maatschappelijk functioneren wordt belemmerd.

Psycho-educatie
Volgens de onderzoekers is het belangrijk dat reguliere instellingen in de GGZ en basisgezondheidszorg (GGD-en, maatschappelijk werk en huisartsen) psycho-educatie geven aan migranten(organisaties) over de psychosociale gevolgen van een crisis en de nadelige gevolgen zo veel mogelijk proberen te reduceren. Ook de overheid (zowel landelijk als lokaal) dient oog te hebben voor (verborgen) leed van migranten en de migrantengemeenschappen als gevolg van internationale crises. Dit leed moet openlijk worden erkend en in haar crisisbeleid moet de overheid een verbinding leggen met de potenties en ambities in de gemeenschappen om crisiszorg en wederopbouw te organiseren.

Bron: Trimbos-instituut. Hoogsteder, M. & Boomstra, R. (2004). Overheid en migrantengroepen bij crises in herkomstlanden. Een verkennend onderzoek. Utrecht: Trimbos-instituut / Nederlands Centrum Buitenlanders.Publicatiedatum: 20 april 2004 15:47 uur



Reageren
Wilt u uw mening, ideeën of reactie kwijt, dan kunt u nevenstaande formulier invullen. Uw reactie verschijnt direct zichtbaar op de website. Wilt u dit niet? Stuur uw reactie dan per .
 
naam

e-mail adres

(organisatie)
  reactie
 


 


PTSS met psychotische kenmerken: een nieuwe diagnose?
Mikado stopt, kennis blijft
Nederlandse ouderen in AustraliŽ
E-module huwelijksdwang van Fier Frysl‚n
Steeds meer informatie over ramadan, medicatie en gezondheid beschikbaar
meer nieuws


Mikado bibliotheekcollectie naar Pro Persona
'Jij maakt 't verschil'. Mikado en GGzE lanceren e-learning interculturele zorg aan ouderen
Mikado stopt, kennis blijft
Handreiking ethische dilemma's in de ggz aan asielzoekers
Zomeractie! Favoriete Mikado publicaties met korting


Glenn Helberg
'Goed luisteren begint bij de ander even veel waard vinden'.
 lees verder....
 
 
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder toestemming van Mikado.